Simons bij Hindostaanse Immigratieherdenking: “Waarvoor we moeten zorgen, is hoe we samen verder gaan”
Een oproep tot meer saamhorigheid en natievorming vormde vrijdag de rode draad tijdens de herdenking van 153 jaar Hindostaanse Immigratie. President Jennifer Simons, vertegenwoordigers van de Hindostaanse gemeenschap, diplomaten en andere sprekers benadrukten bij het Baba en Mai-monument dat de geschiedenis van immigratie niet alleen moet worden herdacht, maar ook als fundament moet dienen voor een gezamenlijke toekomst van alle Surinamers. The post Simons bij Hindostaanse Immigratieherdenking: “Waarvoor we moeten zorgen, is hoe we samen verder gaan” appeared first on Suriname Herald.
Een oproep tot meer saamhorigheid en natievorming vormde vrijdag de rode draad tijdens de herdenking van 153 jaar Hindostaanse Immigratie. President Jennifer Simons, vertegenwoordigers van de Hindostaanse gemeenschap, diplomaten en andere sprekers benadrukten bij het Baba en Mai-monument dat de geschiedenis van immigratie niet alleen moet worden herdacht, maar ook als fundament moet dienen voor een gezamenlijke toekomst van alle Surinamers.
In het kader van de viering van 153 jaar Hindostaanse Immigratie werd vrijdag een bloemenhulde gebracht bij het monument van Baba en Mai aan de Kleine Combéweg. Tijdens de plechtigheid stonden diverse sprekers stil bij de offers van de voorouders en de bijdrage van de Hindostaanse gemeenschap aan de opbouw van Suriname.
President Jennifer Simons verwees naar de aankomst van het schip Lalla Rookh op 5 juni 1873 en prees de contractarbeiders die onder zware omstandigheden vasthielden aan hun waardigheid.
“Hun verhaal is geen verhaal van slachtofferschap, maar een verhaal van kracht”, hield het staatshoofd de aanwezigen voor.
Volgens de president leeft deze geschiedenis voort in Surinaamse families, cultuur en waarden. Zij benadrukte dat elk Surinaams lichaam is gebouwd uit de grond van Suriname en stelde dat Suriname niet slechts divers is, maar diversiteit.
“Mogen de offers van Baba en Mai en van alle immigranten nooit worden vergeten. Hun nalatenschap moet ons blijven inspireren. En daarom, om bewust stil te staan bij wat al onze voorouders hebben doorstaan en overwonnen om ons vandaag hier te laten zijn met elkaar, is het belangrijk dat we naar de toekomst kijken, naar degenen die nog niet geboren zijn, naar degenen die nog moeten komen”, aldus Simons.
De president wees daarnaast op de culturele bijdragen die onderdeel zijn geworden van het dagelijks leven in Suriname, zoals roti en bara. Tegelijkertijd riep zij op tot meer onderling begrip en respect om gezamenlijk de huidige economische uitdagingen het hoofd te bieden.
“En daarom eindigt het voor mij niet bij hoe wij hier tezamen kwamen, maar dat is het begin van hoe we samen verder gaan. Hoe we hier tezamen kwamen, weten we intussen. Waarvoor we moeten zorgen, is hoe we samen verder gaan. Daarom gaan we elkaar beter leren kennen. We gaan steeds meer respect krijgen voor elkaar”, zei het staatshoofd.
Ook Ramon Jawalapersad, voorzitter van de Stichting Hindostaanse Immigratie (SHI), legde de nadruk op eenheid. Hij stelde dat de immigranten destijds onder valse voorwendselen naar Suriname kwamen en daarvoor een zwaar offer hebben gebracht. Volgens hem vertoont deze geschiedenis parallellen met het leed van de tot slaaf gemaakten en vormt dat een gezamenlijk fundament voor nationale eenheid.
Jawalapersad benadrukte dat Surinamers anno 2026 hard moeten werken aan natievorming vanuit wederzijds respect. Verdeelheid noemde hij destructief voor de ontwikkeling van het land.
De ambassadeur van India in Suriname, Subhash Gupta, herinnerde eraan dat de voorouders een sterke arbeidsethos en de filosofie Vasudhaiva Kutumbakam – de wereld is één familie – met zich meebrachten. De diplomaat legde tevens een verband met Wereldmilieudag en sprak waardering uit voor Suriname, dat beschikt over 93 procent bosbedekking.
Verder prees Gupta de unieke culturele synergie en de hechte band die India en Suriname met elkaar verbinden.
Parlementsvoorzitter Ashwin Adhin verwees in zijn toespraak naar de Ramayan en stelde dat de voorouders overal waar zij zich vestigden voorspoed creëerden. Volgens hem maakten zij van Suriname hun thuis.
Adhin gaf aan dat Suriname geen etnische groepen kent, maar cultuurgroepen die met hun verschillende beschavingen gezamenlijk een beschaafd volk hebben opgebouwd.
Namens de nazaten sprak Sharmila Ramadhin haar trots uit over het behoud van de Hindostaanse identiteit. Zij riep de jongere generatie op de eigen roots te blijven koesteren, respect voor elkaar te hebben en bovenal daadwerkelijk te leven als Surinamer.
The post Simons bij Hindostaanse Immigratieherdenking: “Waarvoor we moeten zorgen, is hoe we samen verder gaan” appeared first on Suriname Herald.